Wonen en recreëren

Recreatieoord Hoek van Holland

Mensen huren in het recreatieoord Hoek van Holland voor een schappelijk bedrag een stuk grond voor hun vakantiehuisje. Vroeg in maart, nog vóórdat de noodverordening wegens Corona door de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond er is, sluit de burgemeester als eigenaar het oord. In november maakt het College bekend dat de gemeente het oord gaat verkopen. De gebruikers voelen zich overvallen en niet gehoord. Ze vrezen de eisen en prijzen van een commerciële partij als eigenaar. De ombudsman krijgt hier veel klachten over en wijst de gemeente op deze zorgen. De gemeente belooft dat ze met gebruikers in gesprek gaat.

Wonen, parkeren en flaneren

Als de gemeente niet optreedt tegen overlast, leidt dat ook in 2020 tot klachten.

  • Mevrouw N. woont boven een winkel met een koffiehoek. In de lockdown gaat de winkel dicht, maar de koffiehoek blijft open en gaat ontbijt verkopen. Dit leidt tot overlast voor mevrouw N. De gemeente merkt de koffiehoek aan als onderdeel van de winkel en ziet geen probleem. De ombudsman onderzoekt de zaak en hij kan dit standpunt van de gemeente niet volgen. Hoe kan een koffiehoek worden gezien als onderdeel van een winkel als de koffiehoek open blijft terwijl de winkel dicht is? En is het handig dat de ambtenaren die hier toezien en handhaven, op sociale media positief spreken over de winkel en koffiehoek? De gemeente moet hier opnieuw naar kijken.
  • Een biljartvereniging heeft last van ratten bij het clubhuis. De gemeente pakt dit niet op. De ombudsman roept de gemeente op hier alsnog naar te kijken. Stadsbeheer onderzoekt dan de situatie en zet daarna vallen uit.
  • De heer H. woont bij een pad. Dat leidt nergens heen en wordt gebruikt voor smerige activiteiten. De gemeente reageert niet op zijn vraag het pad te sluiten. De ombudsman vraagt de gemeente er naar te kijken, waarna de gemeente het pad alsnog afsluit.

Bij wonen hoort parkeren. Dat gaat niet altijd lekker…

  • De heer L. is slechtziend en heeft dus de geleidestroken op de stoep nodig. De gemeente geeft een vergunning om op zo’n strook een kraam te zetten. Overlastmeldingen vanwege deze kraam door de heer L. worden daarom op ‘opgelost’ gezet. De ombudsman wijst de gemeente er op dat de heer L. hiermee niet is geholpen. De gemeente belooft dat de geleidestrook zal worden omgelegd.
  • De heer W. vergeet de parkeervergunning van zijn leaseauto te verlengen. Het duurt weken voordat de eerste boetes via de leasemaatschappij en zijn werkgever bij hem in de brievenbus belanden. Dan zijn er al 20 boetes onderweg. De ombudsman bemiddelt, de gemeente toont zich coulant en trekt de meeste boetes in.
  • Mevrouw G. krijgt een invalidenparkeerplaats toegewezen maar daar kan ze met haar rolstoel niet goed bij. Dat blijkt moeilijk te veranderen. De ombudsman vraagt bij de gemeente naar de voortgang. Kort daarna wordt de plaats alsnog verlegd.